Plantaardig in Leuven: T&Ko

In de Tiensestraat in Leuven, vlakbij de ingang van het stadspark, vind je T&Ko, mijn favoriete theehuisje. T&Ko wordt gerund door Marina en Hilke, een bevlogen en lief moeder-dochterduo.

Rust en inspiratie

De lange, smalle ruimte waar T&Ko sinds kort zit, is ingericht in de sfeer van een knusse, gezellige huiskamer. Plantjes op tafel, fleurige gordijnen, zachte dekentjes en inspirerende quotes aan de muren nodigen je uit even stil te blijven staan en tot rust te komen. Hilke en Marina kozen er bewust voor hun klanten een ruimte te bieden waar ze het gevoel kunnen krijgen thuis te komen en de tijd te mogen nemen.

Ik ben heel enthousiast over die insteek en vind dat best dapper. In onze maatschappij gericht op efficiëntie is het gemakkelijk om steeds maar in de haastmodus te blijven en “snel even wat te gaan drinken” of “een snelle hap” tussen twee afspraken in te proppen, om maar zo veel mogelijk gedaan te krijgen op een dag. Maar Marina en Hilke lopen niet rond te sjezen als kippen zonder kop om geen enkele seconde te verliezen. Ze nemen bewust de tijd om iedereen rustig verder te helpen, suggesties te geven en vragen te beantwoorden. Je kan ontspannen in je eigen bubbel zitten mijmeren, maar als je daar zin in hebt, nemen ze even goed de tijd om erbij te komen zitten voor een persoonlijke babbel. Contact leggen op een dieper niveau met iemand die je niet eens zo goed kent, wat fijn vind ik dat!

Thee en koffie

Hilke en Marina serveren erg leuke drankjes. Over hun arsenaal aan theetjes ben ik als professionele theeleut razend enthousiast. Die zijn samengesteld in samenwerking met een echte theesommelier, hoe indrukwekkend is dat! De verschillende mengelingen zijn gebaseerd op de waarden die Marina en Hilke graag wilden uitstralen met hun theehuisje: huiselijk, verwarmend, respectvol en een beetje anders. Hun eigen favoriete drankje? De T&Ko-thee. Ik ben fan van de ToverThee, met bloemetjes die het drankje magisch helderblauw kleuren.

Koffie is er ook, maar daarvan ga ik de hele dag rondstuiteren als een hyperkinetische kangoeroe, dus dat drink ik zelf niet. Het beoordelen van de koffie laat ik daarom graag over aan iemand anders. Het is alvast leuk om te weten dat ook de keuze van de koffie heel bewust is gemaakt. Deze bestellen Hilke en Marina namelijk bij ArtiZan, een kleine koffiebranderij waar aan een project gewerkt wordt om de koffie volledig op zonne-energie te branden.

Gebak en pannenkoeken, ontbijt en lunch

Ook zijn er pannenkoeken, scones en een gigantische keuze aan gebak. En ontbijten of lunchen kan je bij T&Ko ook. Van al die lekkernijen genoten meneer WEcotip en ik onlangs nog tijdens de T&Ko-brunch en ze kunnen er nogal wat van hoor. Alles is huisgemaakt en volledig plantaardig. Heel fijn dus als je meer of volledig vegan wil eten, maar ook als je opgezadeld zit met een lactose-allergie. Marina en Hilke vertelden me het hartverwarmend verhaal van een kindje met lactose-intolerantie dat helemaal buiten zinnen was toen ze hoorde dat ze kon kiezen uit álle gebak en pannenkoeken op de kaart.

Meer info

T&Ko
Tiensestraat 65
3000 Leuven

Het T&Ko-duo voorziet ook op bestelling lekkernijen voor particulieren en bedrijven. En ook bij Content, mijn favoriete verpakkingsvrije winkel, zijn de zoete verwennerijen van T&Ko te koop.

Ga je binnenkort ook eens langs bij T&Ko? Laat het me weten, altijd fijn om van jullie te horen. En vinden jullie het leuk om te lezen over mijn favoriete Leuvense hotspots? Wil ik gerust meer over schrijven 🙂

Advertenties

Zelf appelazijn maken van klokhuizen en schillen

Ik ben nog steeds helemaal in mijn nopjes met mijn grote lading zelfgeplukte appels. Zoals ik al voorspelde, maakte ik ondertussen appeltaart en verschillende ladingen appelmoes. Daar hield ik natuurlijk heel wat klokhuizen aan over. Normaal kieper ik die meteen de wormenbak in, maar deze keer voerde ik er een geslaagd fermentatie-experiment mee uit. Ik maakte zelf een fles appelazijn! Het was interessant en ook nog eens belachelijk gemakkelijk.

Wat heb je nodig?

  • Een heleboel klokhuizen en eventueel appelschillen (ik schil mijn appels niet, want ik hou van simpel en waarom moeilijk doen als het ook makkelijk kan)
  • Een glazen pot met een doekje en elastiekje om af te dekken
  • Water

Als je een diepvriezer hebt, lijkt het me interessant daarin je klokhuizen en schillen op te sparen tot je er een hele berg van verzameld hebt. Op die manier ga je niet door het hele proces voor één flesje azijn, maar voorzie je jezelf voor dezelfde moeite van overvloedige hoeveelheden appelazijn. Ik heb momenteel geen diepvriezer, maar anders had ik het wel gedaan.

Wat moet je doen?

Vooral veel wachten eigenlijk. Maar om te beginnen bij het begin: doe al je schillen en klokhuizen in een pot en zet ze onder water. Ik las dat het interessant kan zijn een schepje suiker toe te voegen om de fermentatie op gang te brengen, maar bij mij verliep alles helemaal volgens plan zonder extra suiker.

In mijn keuken durf ik nog al eens de een of andere groente laten fermenteren en dan is het belangrijk niet te veel lucht in de potten binnen te laten, maar voor het maken van azijn is een goeie zuurstoftoevoer juist wel interessant. Dek dus je potje af met een doekje en een elastiek. Zo is er ventilatie en blijven vliegjes, haren en ander rondzwevend gespuis buiten.

Klokhuizen en schillen voor appelazijn

Nu mag de bokaal twee weken blijven staan. Roer minstens elke dag eens in je pot. Daarmee breng je extra zuurstof tot in de azijn in spe en vermijd je schimmelgroei op de bovenkant. Echt doen dus. Ten laatste na een paar dagen begint het in de pot vanzelf te broebelen. Omdat er zich alcohol begint te vormen, begint je pot te ruiken naar een studentenhuis na een feestje. Goed bezig.

Fermentatie eerste fase

Na twee weken is het hele mengsel normaal een pak donkerder en troebeler geworden. Nu mogen de klokhuizen en schillen eruit gezeefd worden. Laat alles nog drie tot vier weken open staan (met het doekje erop) en blijf elke dag roeren. De alcohol begint nu langzamerhand te transformeren in azijn, dus de geur wordt steeds zuurder. In een kleine, ongeventileerde ruimte krijg je misschien wel een beetje een kamerparfum van zuur bier. Ik waarschuw maar alvast.

In het totaal vijf tot zes weken na het begin van de fermentatie mag de azijn gebotteld worden. Ik gebruikte daarvoor twee schattige, glazen limonadeflesjes die ik nog had. Bewaar je home made azijn in de koelkast. Door de hoge zuurtegraad blijft azijn héél lang goed.

Home made appelazijn

Waarvoor gebruik je het?

In de eerste plaats om te consumeren. Appelazijn is heel lekker in dressings, houdt je gekookte groenten mooi op kleur en is een meester in het creëren van luchtigheid in vegan taarten en cakes. Ook poets ik heel graag met azijn: het doodt bacteriën, lost vet op en ontkalkt perfect. Onkruid verdelgen kan je er ook mee. En gek genoeg mijn topresultaat voor deze zelfgebrouwen appelazijn: ik spoel er mijn haar mee. Ik vind het nog beter werken dan azijn uit de winkel!

WEcotip # 27: ben je een grootgebruiker van appelazijn én een enthousiaste appelverorberaar? En ben je wel te vinden voor een gemakkelijk fermentatie-experiment? Waarom dan niet eens zelf appelazijn brouwen uit je klokhuizen en appelschillen? Het is poepsimpel, gratis en volledig zero waste. De gefermenteerde appelrestjes kan je achteraf zelfs composteren.

Wie is er te vinden voor wat avontuurlijke fermentatie? Ga je er zelf mee aan de slag, dan doe je me zeker plezier als je laat weten wat er goed of fout is gelopen. Ik ben benieuwd!

Recept: plantaardige lasagne

Wil je een echte vleeseter eens goed afschrikken, gebruik dan vooral het woord ‘sojabrokken’. Om al iets meer uit de buurt van het woord hondenbrokken te blijven, gebruik ik zelf liever de term ‘sojabrokjes’, maar dat bevindt zich volgens mij nog steeds niet aan de verleidelijke kant van het taalspectrum.

Nochtans zijn sojabrokjes geniaal. Net als alle sojaproducten zijn ze bijzonder eiwitrijk en bevatten ze alle essentiële aminozuren. Heel geruststellend voor mensen die snel in een ‘maar hoe krijg ik dan mijn eiwitten binnen’-kramp schieten. (Terwijl het echt verdomd moeilijk is om te weinig eiwitten binnen te krijgen, als ik daarmee iemands gemoedsrust kan herstellen.)

Ook voor beginners en keukenklunzen dienen ze als perfecte vleesvervanger. Vergeet je al eens je keukenvoorraad op tijd op te maken, dan zit je met sojabrokjes helemaal veilig. Het is een gedroogd product dat maanden en maanden houdbaar is. Daarnaast hoef je, in tegenstelling tot bij de meeste soorten vlees en vis, niet te stressen over of je maaltijd wel warm of lang genoeg verhit is. Met dit plantaardig alternatief zit je sowieso safe.

Natuurlijk heb je wat basiskennis nodig over hoe je sojabrokjes kan bereiden. Een klacht die ik soms van grote carnivoren hoor, is dat plantaardige producten zo saai kunnen zijn. Gekookte sojabrokjes zijn ongetwijfeld oersaai, maar is een gekookte biefstuk dat ook niet? Gelukkig schiet ik hier meteen te hulp met een inspiratiebom in de vorm van een heerlijke, zielenvoedende, hartverwarmende lasagne.

Sojabrokken

De opbouw van deze lasagne is heel klassiek: bolognesesaus, lasagnevellen, bechamelsaus. Geen extra toeters en bellen, maar als je zelf een toeter of bel wilt inbouwen, is daar wel ruimte voor. Ik laat je zometeen zien hoe je extra bladgroenten of een korstje kan toevoegen.

Zowel de bolognesesaus, als de bechamelsaus, als het korstje kunnen apart gemaakt worden als onderdeel van andere alledaagse gerechten. Zo is de bolognesesaus als volwaardig voedzame tomatensaus met ‘gehakt’ perfect inzetbaar in een spaghetti bolognese. De verplantaardigde klassieke bechamelsaus kan je overal gebruiken waar je normaal een witte saus zou gebruiken: over allerlei groenten en op een waaier aan ovenschotels. En een korstje, dat kan natuurlijk altijd en overal.

Oké, ben je klaar voor het recept?

Uien snijden duikbril

Plantaardige bolognesesaus

Ingrediënten:

  • Een scheutje olie
  • 1 grote ui
  • 3 grote eetlepels tomatenconcentraat (komt overeen met een klein blikje)
  • 6 tomaten
  • 500 g passata
  • 1 cup* sojabrokjes
  • Italiaanse of Provençaalse kruiden
  • Peper
  • Zout

Werkwijze:

Snijd de ui fijn. (Professionele tip: draag hierbij een duikbril om geen uientranen te hoeven plengen en je huisgenoten te amuseren.) Snijd de tomaten in blokjes.

Zet een grote pot op het vuur en fruit in een scheut olie de gesnipperde ui volledig zacht. Voeg daaraan drie grote eetlepels tomatenconcentraat toe en laat vijf minuten meebakken. Het bakken van je tomatenconcentraat is een heel handig trucje dat de zurige tomatensmaak transformeert in een intense, zoetere smaak. Blijf regelmatig roeren, want tomatenconcentraat brandt snel aan.

Doe nu ook de gesneden tomaten in de pot. Laat ze een paar minuten meebakken. Voeg ten slotte ook de sojabrokjes toe en overgiet alles met de passata. Laat minstens een paar minuten pruttelen. Dat is nodig om de sojabrokjes volume te geven en alle smaken te laten absorberen.

Kruid af met een royale hoeveelheid Italiaanse of Provençaalse kruiden, peper en zout naar smaak.

Plantaardige vegan bolognesesaus

Plantaardige bechamelsaus

Ingrediënten:

  • ½ cup* neutrale olie
  • 1 cup* bloem (tarwe of spelt)
  • 1 liter ongezoete sojamelk (of andere ongezoete graan- of notenmelk)
  • 1 eetlepel groentebouillonpoeder of een verkruimeld groentebouillonblokje
  • Nootmuskaat
  • Peper
  • Optioneel: 1 pakje (250 ml) sojaroom
  • Optioneel: 4 eetlepels edelgistvlokken

Werkwijze:

Verhit een pot en verwarm hierin de olie. Voeg de bloem bij de hete olie en meng grondig door met een garde. Het mengsel moet vloeibaar tot licht korrelig zijn. Laat de roux garen tot hij een koekjesachtige geur afgeeft en blijf regelmatig omroeren.

Voeg nu de sojamelk in scheuten toe. Vooral de eerste scheut zou alles stevig moeten indikken. Roer telkens de saus tot een gladde massa en giet dan pas de volgende scheut sojamelk in de pan, zodat je geen klontertjes krijgt.

Als alle sojamelk in de saus is gemengd, mogen ook het groentebouillonpoeder, nootmuskaat, peper en zout grondig door de saus geklopt worden. Voeg eventueel mijn top secret ingredients sojaroom en edelgistvlokken toe. De edelgistvlokken zorgen voor een heerlijk hartige, kazige smaak. De sojaroom maakt alles extra romig (vreemd hé). Heb je geen sojaroom, voeg dan een beetje extra sojamelk of water toe.

Laat de bechamelsaus op een laag tot medium vuur nog minstens vijf minuten inkoken. Als de saus te dik wordt, voeg dan sowieso een beetje water toe. De saus moet niet al te dik zijn, aangezien de lasagnevellen in de oven extra vocht opnemen.

Plantaardige vegan bechamelsaus

Het lasagne bouwpakket

Ingrediënten voor 6 personen:

  • 12 lasagnevellen
  • De bolognesesaus van hierboven
  • De bechamelsaus van hierboven

Werkwijze voor het samenstellen van de lasagne:

Giet een laagje bolognesesaus op de bodem van je ovenschaal. Leg hierop een laag lasagnevellen die elkaar een beetje overlappen. Giet op de lasagnevellen een laagje bechamelsaus. Herhaal dit proces nog een keer, zodat je bovenaan eindigt met een laag bechamelsaus.

Ben je bevredigd en hoef je geen extra toeters en bellen? Bak dan de lasagne 30 minuten op 180°C. Ben je zo snel nog niet tevreden, lees hieronder verder voor meer opties.

Samenstellen vegan lasagne bolognese

Toeters en bellen

Ingrediënten voor een gemakkelijk korstje:

  • ½ cup* paneermeel (gemakkelijk zelf gemaakt van oud brood)
  • Zout
  • Optioneel: ¼ cup* edelgistvlokken

Werkwijze:

Meng het paneermeel, een flinke snuf zout en eventueel de edelgistvlokken door elkaar. Besprenkel de bovenkant van de lasagne gelijkmatig met dit mengsel. Hierop kan je eventueel nog een beetje olie sprenkelen of afwerken met een paar blokjes sojaboter, maar dat hoeft niet.

Vegan lasagne bolognese met korstje

Extra groenten:

Wil je graag meer groene groenten in je gerecht verwerken, dan kan je twee extra lagen groen in de lasagne bouwen. Leg daarvoor bijvoorbeeld twee laagjes fijngehakte spinazieblaadjes bovenop je lasagnevellen vooraleer je de bechamelsaus erover giet. Gebruik je liever diepvriesspinazie, dan kan dat. Laat de spinazie dan eerst ontdooien en knijp het vocht er goed uit. Ook met andere bladgroenten is dit heerlijk.

Eet smakelijk!

Vegan plantaardige lasagne bolognese

En uit dit recept destilleer ik ook nog graag een WEcotip # 26: sojabrokjes vormen een perfecte vervanger van dierlijk gehakt. Experimenteer er eens mee! Ze zijn veelzijdig en lang houdbaar. Bijvoorbeeld in de bolognesesaus van deze heerlijke lasagne. Wil je nog meer recepten? Verken dan het wereldwijde web met de zoektermen “sojabrokken”, “soya mince” of “tvp” (staat voor textured vegetable protein). Sojabrokjes zijn verkrijgbaar bij sommige supermarkten, alle bio- of natuurvoedingswinkels en, voor het gunstigste prijsje en de grootste verpakkingen, bij de meeste exotische voedingswinkels.

WEcotip # 26 voor gevorderden: koop je sojabrokjes verpakkingsvrij. Europese soja is da best!

Heb jij al eens gekookt met dit sexy ingrediënt? En zou je deze lasagne wel eens een kans geven? Laat het me zeker weten. Als er vraag is naar meer recepten of uitleg over vleesvervangers, ben ik je graag van dienst in de comments of als nieuwe blogpost.

* Ik kook graag met cups. Een cup is een gestandaardiseerde maateenheid waarmee je het volume van je ingrediënten meet, in plaats van het gewicht. Dat vind ik superhandig en tijdsbesparend. Eén cup komt overeen met een volume van 240 ml. Heb je geen cupmaten in huis? Een maatbeker kan voor dit recept zeker dienst doen.

Afvalvrij stankvrij: DIY zero waste deodorant

Iedereen zal zichzelf de voorbije zomer op zijn of haar eigen manier geëntertaind hebben, maar als er een iets is dat we allemaal gedaan hebben, zal het zweten zijn. Ik ben er in elk geval goed in. Als ik mij op een warme zomerdag eens durf overgeven aan een overenthousiaste YouTube-workout (ja, ik ben zo iemand) dan druppelt het gewoon van me af. Niets aan te doen. Maar wat ik dan weer niet wil doen, is stinken. Dat zal vermoedelijk wel een algemeen sentiment zijn. Gelukkig is er deodorant in de wereld.

Tijdens mijn zoektocht naar een afvalarmer bestaan kwam ik er snel achter dat er heel wat zelfgemaakte zero waste alternatieven bestaan voor alle cosmetica die je maar kan bedenken. Persoonlijk vind ik dat meestal te veel gedoe. Ik hou van snel en simpel. Veel liever stel ik me de vraag of ik niet evengoed zonder kan. Voor heel wat producten is dat daadwerkelijk zo, maar voor deodorant in mijn geval echt niet. Na een halve dag begint het spicy te worden en tegen het einde van de dag ben ik meer bezig met het dichtknijpen van mijn oksels dan wat anders.

Hier komt mijn zelfgemaakte zero waste deo in het spel. Twee keer per jaar draai ik een lading in elkaar in een mooi hergebruikt glazen potje. Dit spul vind ik een echte topper tegen geurtjes en daarom blijf ik het gebruiken. Daarnaast is het gewoon belachelijk goedkoop, waar vast ook niemand een probleem mee heeft. En zelfs al je alle ingrediënten verpakt zou kopen, valt de totale hoeveelheid verpakking in het niet vergeleken met een klassieke spuitbus of roller.

Het enige mogelijke nadeel vind ik dat je even moet experimenteren met de dosering: je hoeft maar een heel klein beetje over je oksels te verdelen. Leg je een goeie dikke laag – voor alle zekerheid zogezegd – dan loop je het risico op vlekken in je kleding. Ze wassen er prima uit, maar ik houd mijn oksels toch liever onbevlekt.

Hoe je het maakt

Het belangrijkste ingrediënt van het anti-stankbrouwsel is natriumbicarbonaat. Dat koop ik verpakkingsvrij bij Content. Natriumbicarbonaat doodt bacteriën, want het zijn die kleine lastpakken die geurtjes produceren. Natriumbicarbonaat of baksoda is niet helemaal hetzelfde als bakpoeder, maar je oksels zullen er niet afbranden als je per ongeluk bakpoeder gebruikt. Geen stress, daarvan ga je zweten.

Ik kies er altijd voor om alles meteen in het potje te mengen en scoor daarmee bonuspunten voor afwasefficiëntie. Hup, vier eetlepels natriumbicarbonaat erin:

1 natriumbicarbonaat

Vervolgens meng ik dat met vier eetlepels maïszetmeel, het bindmiddel van dienst. Maïszetmeel is ook verpakkingsvrij te koop, maar deze keer had ik toevallig de verpakte versie in een doosje. Kan ook eens gebeuren, geen zorgen, daarvan ga je zweten.

2 maizena

Het poederige gedeelte is bijna achter de rug. Juist nog een beetje morsen, het geheim voor een extra geslaagd eindresultaat.

3 niet morsen

Dat alles meng ik met zes eetlepels kokosolie, ook verpakkingsvrij gekocht. Kokosolie is een handige drager voor je deodorant omdat het smelt op lichaamstemperatuur en vast blijft bij normale kamertemperaturen. Dat maakt ook dat je de olie op niet-tropische dagen eerst moet laten smelten. Hopla, zes eetlepels vaste kokosolie…

4 kokosolie

… op het gemak laten smelten, bij voorkeur in de zon of op de verwarming, tot alle klontertjes eruit zijn. Dat ziet er zo uit:

5 smelten

En nu komt de meest bevredigende fase van het proces, alles bij elkaar gieten en goed roeren tot je een gladde massa krijgt:

7 mengen

Hiermee is het basisrecept helemaal af en ben je klaar om je leven stankvrij tegemoet te treden. Maar als ik dan toch bezig ben, ga ik meestal voor een finishing touch van een aantal druppels essentiële olie. Er zijn honderden essentiële oliën waaraan allerlei eigenschappen toegeschreven worden, maar ik ga gewoon lekker op mijn neus af. En op wat ik toevallig in huis heb, namelijk eucalyptusolie. Lekker fris.

8 essentiele olie

Wil je een foto nemen van een druppelend flesje dan kan ik je aanraden er op dit moment van het proces een assistent bij te roepen. Een flesje in de ene hand en een fototoestel voor je neus leiden mogelijks tot gevaarlijke overdoseringen vooraleer je een foto van een druppel vast hebt. Just saying. Geef alles nog eens een laatste roertje…

9 mengen

et voilà, je huisgemaakte deodorant is al helemaal klaar.

10 okselpaté

Natuurlijk kunnen wij het ten huize WEcotip niet gewoon deodorant noemen. Dit riep te hard om een bijnaam. Omdat mijn DIY-deodorant lijkt op een soort paté die je onder je oksels smeert, noemen we het hier de okselpaté. Geef er gerust je eigen naam aan.

WEcotip # 25: geïnteresseerd in verpakkingsvrije oplossingen voor je verzorgingsproducten? Test dan eens deze zelfgemaakte deo: 4 el natriumbicarbonaat + 4 el maïszetmeel + 6 el kokosolie + optioneel een paar druppels essentiële olie. Een echte stankverjager!

En, zie jij het zitten om eens te experimenteren met een potje okselpaté? Of heb je ervaring met andere zero waste-alternatieven voor deodorant? Laat het me zeker weten!

Eet meer planten

Een van de meest effectieve manieren waarop je als nederige aardbewoner je persoonlijke impact grandioos kan verlagen is het plantaardiger maken van je eetpatroon. Boem. Oeps, sorry, ik viel. Ik wou een deur intrappen, maar hij stond al open.

Deze benadering werd tot nu toe bijzonder braafjes aangepakt door De Autoriteiten. Laten we de burger vooral niet afschrikken en alles voorzichtiger dan voorzichtig aanbrengen: één dagje vegetarisch per week lijkt alvast een voldoende zotte boodschap om mee te starten. En dat is daadwerkelijk geen slecht begin. Maar als we er zelfs de meest optimistische klimaat- en bevolkingsprognoses, of alleen maar je persoonlijke voedselvoetafdruk op naslaan, wordt snel duidelijk dat de toekomst nog een stuk plantaardiger zal moeten zijn.

Maar is dat ook erg? Of lastig? In mijn eigen ervaring valt dat allemaal reuzehard mee. Ik ben opgevoed met elke dag vlees of vis, koemelk, yoghurt en kaas, maar ondertussen eet ik bijna vier jaar 100% plantaardig. Naast klimaat en bevolkingsgroei zijn er nog een resem andere redenen in een waaier aan andere domeinen waarom ik die beslissing heel doordacht heb genomen. Maar om hier niet zo ver af te dwalen dat we de weg niet meer terug vinden, schrijf ik daar later wel meer over. Wat ik wél on topic kan zeggen, is dat ik persoonlijk nooit zoveel culinaire pretjes heb gekend als nu. Ik vind het gewoon erg fijn!

vegan donut

Stel dat je dit hele ding wel eens een kans zou willen geven. Jeetje, hoe begin je daar nu aan, plantaardiger eten? Er zijn verschillende tactieken mogelijk natuurlijk.

Tactiek 1

Nemen we even aan dat je bovenal lui en gemakzuchtig bent (no shame). Dan is het een kwestie eerst het laaghangend fruit te plukken. Het aanbod plantaardige alternatieven schiet als een raket de hoogte in tegenwoordig, dus bereid je voor op een bevredigende exploratie. In plaats van een ‘echte’ worst kan je eens experimenteren met de 101 tofu- of seitanworsten die er te koop zijn. Een gehaktbal in tomatensaus kan eenvoudig vervangen worden door een falafelbal in tomatensaus. En in je koffie of op je muesli kan gerust havermelk, amandelmelk, sojamelk, hazelnotenmelk, rijstmelk, kokosmelk, speltmelk of cashewmelk. Kortom, op melkvlak gaat er een wereld voor je open. Potje yoghurt als vieruurtje? Sojayoghurt verovert ondertussen de markt in alle smaken, geuren en kleuren die je maar wilt.

Donut 2

Tactiek 2

Misschien ben je juist competitief en resultaatgericht. Je focust graag op efficiëntie. Ook goed natuurlijk, er moeten er van alle soorten zijn. In dat geval past het waarschijnlijk beter bij je om op zoek te gaan naar het grootst mogelijke resultaat met de kleinst mogelijke inspanning. Duik zeker de cijfers in als je daar je kick uit haalt, maar ik kan alvast verklappen dat je dat doel zal bereiken door alle producten van de koe te vervangen door plantaardige equivalenten.

Het flegmatiek herkauwende koebeest boert en prot er namelijk broeikasgassen op los en dan hebben we het nog niet eens gehad over de milieu-effecten van haar geïmporteerde voer en drollen. Daarom is ze van alle dieren die we eten de reuzegrote vervuiler in al haar producten: vlees, maar ook melk, kaas en yoghurt. De milieu-impact van kaas is bijvoorbeeld groter dan die van kip. Vandaar de nadruk op plantaardige alternatieven: je kippenpoot vervangen door een kaasburger heeft helaas geen of zelfs een averechts effect, een weetje waar jammer genoeg weinig over gerept wordt. Misschien om het de goedbedoelende burger niet te moeilijk te maken. Persoonlijk denk ik dat jullie intelligentie gewoon niet te overschatten valt.

Tactiek 3

Óf je bent iemand die zich ondertussen al grondig geïnformeerd heeft over de intensieve veeteelt en er gewoon eens keihard voor wil gaan. Als je het helemaal ziet zitten, kan je als experimentje eens meedoen met Try Vegan! Toevallig, of niet geheel toevallig, begint de volgende editie van Try Vegan volgende maand. Vanaf 1 oktober word je uitgedaagd om eens één maand plantaardig te eten en daarvoor krijg je volop inspiratie voor recepten en menu’s. Er zijn mails met tips en tricks en je kan al je nutritionele vragen laten beantwoorden door geschoolde diëtisten. Als dat geen interessante uitdaging is!

 

Try Vegan

WEcotip # 24 voor de gemakzuchtige consument: ga stapje voor stapje op verkenning naar een gemakkelijk plantaardig alternatief voor je vlees, kaas, melk of yoghurt. Experimenteer lekker door tot je iets vindt dat voor jou heerlijk smaakt en wissel het eenvoudig in je routine. Geen gedoe, lekker makkelijk.

WEcotip # 24 voor de resultaatgerichte consument: richt je efficiënt op de grootste winst door eerst en vooral runderproducten te vervangen door plantaardige opties.

WEcotip # 24 voor de gemotiveerde consument: smijt je erin en ga de plantaardige uitdaging aan met Try Vegan. Je kan het altijd eens proberen en zien wat je ervan leert. Kan nog een boeiende maand worden!

Heb jij al eens je voedselvoetafdruk berekend? Hier is een eenvoudige tool. En ben je zelf al bezig met (af en toe) een plantaardige optie? Misschien heb je wel handige tips! O en mocht je het je afvragen, deze donuts zijn inderdaad 100% plantaardig. Het hoeven niet altijd salades te zijn hoor 😉